De zorg voor de leerling
We hechten er waarde aan dat de leerlingen die zorg krijgen die nodig is om een ononderbroken ontwikkelingsproces te kunnen doorlopen.
Het onderwijs in de onderbouw is een mengvorm tussen ontwikkelingsgericht onderwijs en programmagericht onderwijs. Doormiddel van observatie en registratie volgen wij de ontwikkeling van de kleuters. Dit gebeurt d.m.v. de GOVK (Gouds Ontwikkelings Volgsysteem voor Kleuters). In de onderbouw is in het document “Het Jonge Risico Kind” beschreven hoe de zorg plaats vindt voor deze jonge leerlingen.
De vorderingen van de leerlingen worden ook gevolgd door middel van de methodegebonden toetsen en het Cito-leerlingvolgsysteem.
Tevens wordt jaarlijks eind groep 7 de Entreetoets Cito en in groep 8 de Eindtoets Cito afgenomen. De resultaten van de toetsen worden tijdens de contactavonden door de leerkrachten met de ouders besproken.
De leerkrachten houden maandelijks een leerlingbespreking onder leiding van de intern begeleider. Op deze manier worden eventuele problemen vroegtijdig gesignaleerd. Er wordt een handelingsplan opgesteld voor leerlingen die een D- en E score behalen op de Citotoetsen. Bij leerlingen die een hoge A score halen wordt bekeken of zij een hoger niveau aankunnen.
Zorg op maat geldt zowel voor de leerlingen die moeite hebben met leren maar ook voor leerlingen die meer begaafd zijn.
Leerlingen die moeite hebben met leren kunnen voor een aantal vakken een tweede leerweg volgen. Dit houdt in dat de leerling voor een bepaald vak met een aangepast programma gaat werken. Ook bij begaafde kinderen sluiten we zoveel mogelijk aan bij de individuele behoeften van het kind. Dit kan resulteren in het aanbieden van verdiepende en uitdagende oefenstof binnen de methoden, maar ook kan er gekozen worden voor het op een hoger niveau aanbieden van de leerstof en in uitzonderlijke gevallen kan het kind versneld doorstromen.